Langpootmuggen. Ze hebben
een lang en dun
lichaam en zeer lange, dunne poten. Het zijn echter verschillende
families. Namelijk Tipulidae,Cylindrotominae en Limoniinae. Ze leven op
dezelfde manier. De volwassen langpootmuggen eten niet of alleen een
beetje nectar en leven maar enkele dagen om te paren. Bij de vrouwtjes
loopt het lichaam op een punt uit. Hierdoor kunnen de eitjes in de grond
gelegd worden.
Ze kunnen herkend worden aan de V-vormige groeven (sutuur) op de thorax en
het ontbreken van ocellen. Er is een ongekleurde discale cel in de tweede
helft van de vleugel. (informatie overgenomen uit de insectengids van
Michael Chinery)
De larve wordt emelt
genoemd en lijkt op een made. Ze kunnen schadelijk zijn voor de planten.
*Amdre Vrijens bedankt voor het determineren.
Langpootmug (Ctenophora
pectinicornis)
Langpootmug (Nephrotoma
flavipalpis)
Tipula paludosa. Vrouwtje. Deze
soort is te herkennen door de 14 antenneleedjes. De Tipula oleracea lijkt
er veel op maar heeft 13 antenneleedjes en heeft geen echt vleugelstigma
(vleugelvlek) Meer informatie: http://waarneming.nl/soort/info/1954
Ze hebben hun vleugels gespreid.
April - oktober. Maar...... In de herfst het meest algemeen.
Tipula oleracea. Vrouwtje. Aan
de spitse uiteinde van het lichaam, zie je, dat het een vrouwtje is. Foto:
Mei
April - oktober De Langpootmug Tipula oleracea vliegt van april -
juni en een tweede generatie van augustus - oktober. De emelten die
in september uitkomen overwinteren.
Glansmug. Ptychoptera albimana. Vrouwtje.
Herkenbaar aan de witte tarsen aan de achterpootjes. Hij lijkt op een
langpoot, maar is het niet. De larven leven in modderige oevers waar zij
zich voeden met algen.
De sutuur op de thorax (borststuk) is U-vormig. De discale cel is afwezig.
De poten hebben stevige stekels op de schenen.
Je vindt hem op vochtige plaatsen. Hier zit hij op een blad van een gele
lis bij de vijver.
Muggen
Venstermug Sylvicola spec. Familie
Anisopodidae
Nog een langbenige mug. Hij is verwant aan de
dansmuggen (familie Chironomidae).
Geen angst, hij steekt niet.
Ik weet niet welke het is. Een
bekende mug is de Venstermug Sylvicola fenestralis maar er zijn meer er op
lijkende soorten. In Nederland zijn er zes soorten.
Ze hebben een 16 ledige antenne.
Ze komen op het licht af
en zijn dan op verlichte vensters te vinden. Vandaar de naam venstermug. Je
vindt ze ook met een meer rode kleur.
Deze foto is van maart 2009
De larven leven
van plantaardig afval.
Sciaridae spec. Familie Sciaridae
Maart
2009. Ik heb in de tuin een stam van een dode appelboom staan. Je ziet er
allerlei vliegjes op. Twee van deze 5 mm grote mugjes liepen heen en weer
over de stam. In het begin verstopten ze zich in de spleten in het hout.Op
gegeven moment waren ze aan me gewend en lieten ze zich fotograferen.
Er zijn heel veel mugjes, die tot de familie
Sciaridae horen. Ze zijn meestal niet vanaf een foto te determineren. Lengte
van 1 mm tot 7 mm. Ze steken niet. Larven leven vaak in rottend organisch
materiaal.
Dezelfde maand vond ik ook nog een veel kleine soort. Ongeveer 2 mm.
Veel kleiner soort:
Rouwvlieg, Maartse vlieg (Bibio marci)
Familie Zwarte vliegen (Bibionidae)
Rouwvliegen zijn eigenlijk muggen. Je ziet ze
vooral in het begin van de lente (vaak in groepen). De mannetjes hebben veel
groter facetogen dan de vrouwtjes.
De larven kun je in het grasland en het grasveld
vinden. Ze eten dood organisch materiaal, maar ook de wortels van gras.
Lengte 8 - 10 mm. April, mei
Een veel kleinere rouwvlieg. Ongeveer 5
mm. Deze zijn
moeilijk te determineren.
De larven van Bibionidae (Bibio of Dilophus: detail van anale opening is nodig om te weten welk
soort het is.) De larven lijken op emelten met een zwarte kop. Deze vond
ik in oktober 2008. Erg laat in het jaar voor deze mug.
Wapenvliegen (Stratiomyidae)
Familie: Wapenvliegen (Stratiomyidae)
Kenmerk: Vleugel met een ronde discaalcel, poten
met 3 kussentjes aan de tars. Maar dat is op deze foto niet te zien.
Wapenvlieg omdat op hun schildje vaak enkele doorntjes staan.
Dit is een mannetje. Dat zie je niet alleen aan
de ogen, maar ook aan het goud gele glanzend achterlijf. Bij vrouwtjes is
dat metallic blauwgroen. De poten zijn zwart met gele knieën.
Het is een prachtig vliegje, dat meteen opvalt.
Lengte 7-9 mm, april-augustus.
De larve eet rottende plantendelen op de vochtige grond.
Sargus bipunctatus
Dit is ook een wapenvlieg. (geslacht Sargus) Er
zijn een aantal soorten, die op elkaar lijken. Het is een lange opvallende
vlieg.
Deze herken je door de twee witte vlekjes in het
gezicht.
Dit is een mannetje. Je herkent hem door de oranje vlek op het
groenglanzend achterlijf. Bij de vrouwtjes is het achterlijf bruin.
In Europa komt een heel aantal voor.
Lengte tot 16 mm.
De larven leven in mest.
Ze zijn vooral in september te zien.
Beris chalybata (geslacht
Beris)
Een kenmerk van het geslacht Beris zijn de
zes doorntjes op het schildje. Ze hebben een slank lichaam.
Beris chalybata zie je al vroeg. De vlieg
op de foto is op 30 april gefotografeerd.
Het achterlijf is zwart.
Een ander familielid is de Beris
morrisii, maar die komt pas later in het jaar voor.
Wolzwevers (Bombyliidae)
De vliegen van deze familie zien er wollig uit. Ze lijken daardoor op een
hommel. Hoewel ik deze rouwzwever en niet mee zou verwarren.
Muurrouwzwever (Anthrax anthrax)
Familie Wolzwevers (Bombyliidae)
De Muurrouwzwever behoort tot de groep Rouwzwevers. De vleugels zijn voor
het grootste deel zwart. Hij vliegt enigszins fladderend.
De larven leven in nesten van metselbijtjes. Ze eten ook de bijenlarven
op.
Blaaskopvliegen
Blaaskopvliegen - wespvliegen (Conopidae)
Deze vliegen lijken net als veel zweefvliegen op wespen. Ze hebben lange
antennes, een lange zuigsnuit en een gekromd lichaam.
Deze vliegen zetten hun ei met hun legboor af in het achterlijf van vooral wespen, bijen
en hommels. Dat gebeurt in de vlucht. De larven zijn dus parasieten.
namelijk endoparasieten. De larven ontwikkelen zich in de abdomen. De host
wordt van binnenuit opgegeten. Na 10 - 12 dagen verpoppen ze. De
host is dan gestorven.
Blaaskop vanwege de dikke (opgeblazen) kop.
Blaaskopvlieg - Conops
quadrifasciatus
Er zijn enkele soorten, die er op lijken. Deze
vlieg heeft oranje, gele poten. Hun larven zijn endoparasieten van hommels van het geslacht Bombus
Lengte: 9 - 16 mm.
Sicus ferrugineus Familie Blaaskopvliegen - wespvliegen
(Conopidae)
Een roodbruine blaaskopvlieg
De larven zijn endoparasieten van hommels.
Mei - september
Europa.
Foto 27-6-2010
Physocephala rufipes Familie Blaaskopvliegen - wespvliegen
(Conopidae)
Physocephala rufipes heeft een smal lang tweede
segment. De andere segmenten zijn breder en korter.
Onder de antenne zie je nog een zwarte streep.
Andere soorten in Nederland zijn: Physocephala
nigra (zeldzaam), Physocephala chrysorhhoea, Physocephala vittata.
De larven zijn endoparasieten van Sphecidae, bijen, hommels en
sociale wespen.
Deze vlieg was die dag heel opvallend tussen de
zweefvliegen. Hij ziet er met die borstels inderdaad woest uit.
Hij is heel goed te herkennen door de rode achterkant met de zwarte streep
in het midden.
De larve van de woeste sluipvlieg leeft van rupsen van vlinders. De eitjes
worden op de bladeren gelegd. De larven dringen een passerende rups binnen
en eten hem van binnenuit op. Na ongeveer twee weken is hij veranderd in
een vlieg.
Larven van andere sluipvliegen doen dit bij larven van andere insecten.
Lengte: 9 - 16 mm
Ernestia rudis
Een ander familielid van de sluipvliegen. Als je ze
vergelijkt, zie je wel dat het familie is, vind ik.
Siphona spec.
Deze vlieg hoort ook tot de familie sluipvliegen (Tachinidae),
maar is heel wat kleiner. Ongeveer 5 mm.
Spec. omdat ik niet precies weet wel soort. Dat is aan een foto niet te
zien.
Je kunt de Siphona herkennen aan de lange snuit. Als je goed kijkt, kun je
dat op de onderste foto zien.
Phyto melanocephala Familie
Pissebedvliegen (Rhinophoridae)
Net als de sluipvlieg heeft hij opvallende borstels. De antennes zijn
wat minder opvallend.
De larven zoeken pissebedden op, die ze van binnenuit helemaal opeten. De
larve overwintert daar ook.
De zelfde levenswijze dus als een sluipvlieg.
De eerste twee zijn mannetjes. De laatste is een vrouwtje. Ze zijn enigszins
verschillend. Je kunt het niet goed aan de ogen zien.
Nog twee foto's
Rhinophora lepida Familie
Pissebedvliegen (Rhinophoridae)
Paykullia maculata
Familie
Pissebedvliegen (Rhinophoridae)
Dit vliegje liep met fladderende vleugels over m'n kasje. Het bleek ook
bij deze familie te horen. De vleugels zijn voor een deel donker (langs de
aders). Klein. (de vierkantjes zijn 2 mm.)
Scathophaga
Scathophaga spec Ik dacht eerst, dat het een strontvlieg (Scathophaga stercoraria) was,
maar daar is de antenne zwart/donker gekleurd. Deze vlieg vangt
andere vliegensoorten o.a op de mest.
De Scathophaga furcata heeft wel een licht gekleurde antenne, maar dat is
helaas ook het geval bij soorten als Scathophaga lutaria en bijvoorbeeld
S. Suilla.
Hoe hun eetgewoonten zijn kon ik niet vinden, maar ik vermoed van
ongeveer hetzelfde.
Strontvlieg (Scathophaga stercoraria) Foto's maart, april
2009. Natuurlijk kom je hem in het weiland veel
vaker tegen. Behalve andere vliegen eten ze soms ook nectar. Hier zit hij onder
de stuifmeel. (bloem: speenkruid)
Slakkendoders
(Sciomyzidae)
Slakkendoder
familie Sciomyzidae
Misschien Tetanocera elata
De naam heeft deze familie gekregen
omdat veel larven slakken eten.
Ze lijken wat op de familie Scathophaga
Familie Heleomyzida
Suillia spec. familie
Afvalvliegen (Heleomyzida)
Deze lijkt ook op de bovenburen. Opvallend
zijn de de 'stekeltjes' op de vleugelrand.
Suillia-soorten zie je veel bij paddenstoelen. Daarom komen ze vooral in
de herfst voor.
Van veel soorten worden ook de larven aangetroffen bij paddenstoelen.
Vleesvliegen (Calliphoridae)
Lucilia
spec familie Vleesvliegen (Calliphoridae)
Ze hebben deze naam gekregen, omdat ze zich
voortplanten in rottend dierlijk afval. De vliegen zuigen oppervlakkige
vloeistoffen op.
Misschien Groene vleesvlieg (Lucilia caesar) Overal
op aas, mest en bloemen. Larven kun je vinden in wonden van dieren.
Dit is de algemeenste soort. Maar er zijn veel er op lijkende soorten.
Het kan dus ook een andere soort zijn.
Melinda spec. Er zijn in
Nederland twee soorten Melinda gentilis en Melinda viridicyanea.
Een veel kleiner familielid.
Roodwangbromvlieg (Calliphora vicina) Pollenia spec. Familie
Vleesvliegen (Calliphoridae)
Roofvliegen Roofvliegen (Asilidae) zijn vliegen, die op dezelfde manier als
een libel met hun voorpoten andere vliegen vangen. Daarna zuigen ze
ze leeg met hun priksnuit leeg.
De borstels op hun poten zijn ook heel kenmerkend. Ze hebben daardoor
beter grip op hun prooi.
Eikenroofvlieg (Neoitamus cyanurus)
Uiteraard komt hij in de buurt van eiken voor. Je ziet hem al vroeg in
het voorjaar.
Kenmerk: Het lichaam is langer dan de vleugels. Mei - september
Lengte: 20 - 25 mm
Links: vrouwtje. Dat zie je aan het puntige eind van het lichaam.
Eikenroofvlieg (Neoitamus cyanurus) mannetje
met prooi
Kleine Bladrover (Dioctria
hyalipennis)
Een kleine roofvlieg. Bossen en struwelen.
Kenmerken: Rode midden- en voorpoten, een doorlopende zilverstreep op de
zijkant van het borststuk . Bestuiving (haartjes) op de rug.
Lengte 12 -14 mm.
Grote dansvlieg (Empis tesselata)
Familie Empididae
De dansvliegen zijn ook rovers. De lange steeksnuit is op de foto goed te
zien. Dans vlieg omdat het mannetje voor het vrouwtje in de lucht
danst. Verder is het bijzonder, dat het mannetje voor het vrouwtje een
prooi mee heeft. Er zijn ook heel veel kleine soorten.
Hoewel het rovers zijn, zie je ze ook wel op bloemen. Mensen worden niet
gestoken.
De Grote dansvlieg is te herkennen aan de poten, waarvan het onderste deel
rood bruin is.
Lengte 9 - 11 mm. Mei - augustus
Europa, Noord Afrika, Azië.
Hilara spec.
Dit is een veel kleiner dansvliegje. Ongeveer 3 -
4 mm lang. De mannetjes hebben een verdikt tarslid. (behalve flavipes)
Daarin zitten spinklieren. Ze kunnen daarmee een prooi inspinnen en
meenemen.
Viltvliegen (Therevidae)
Gewone viltvlieg (Thereva
nobilitata)
Familie Therevidae
Van deze familie zijn er veel kleine soorten. De Gewone viltvlieg is
groter, Maar er zijn soorten, die er veel op lijken. Het is dus niet
helemaal zeker.
De achterkant loopt spits toe. De dichte korte
goudkleurige beharing lijkt op vilt. Tussen de ogen zijn er donkere haren
bij het vrouwtje.
Lengte 10 - 13 mm.
Mei - september
De larven leven vaak in een zanderige bodem met bladafval en prederen vooral op larven
van kevers. In andere informatiebronnen staat, dat het omnivoren zijn. Ik
ben dus niet helemaal zeker.
Het mannetje. Foto 19-6-2010.
Rhagio lineola.
Familie Therevidae Een kleiner familielid. Ongeveer 8 mm. Foto
10-7-2010.
Kleine vliegjes
Dolichopodidae spec familie
Slankpootvliegen (Dolichopodidae)
Ik weet niet welke soort. Hoogstwaarschijnlijk twee verschillende soorten.
Dit zijn kleintjes. Er zitten ook grotere in de familie. Een kenmerk is,
dat de arista recht op het eind van de antenne staat. (te zien op de
bovenste foto) De ogen zijn glanzend. Bij deze vliegjes groen.
Zowel de vliegen als larven zijn overwegend predators. (ongewervelde
dieren, larven)
Vooral in een vochtige omgeving.
Lauxaniidae Het is een grote familie.
Welke dit is, weet ik nog niet.
Lauxaniidae, Minettia longipennis Dit vliegje zie ik veel in mei in de tuin. Een donker vliegje met heel
lichte vleugels.
Halmvliegje spec.
(Chlorops spec.) Familie halmvliegen, grasvliegen (Chloropidae)
|De kleine vliegjes in deze familie lijken op
elkaar. (daarom spec.) Het zijn gele vliegjes met zwarte strepen.
Deze foto's zijn in april gemaakt. Er vlogen er vele in de tuin. Je ziet
ze rustig boven de planten vliegen.
De larven van de grasvlieg, de naam zegt het al, leven in grasstengels.
Lengte: 2, 3 mm.
Callomyia cf. amoena. (niet helemaal zeker) Familie
breedvoetvliegen Platypezidae
Het vliegje viel me vooral op door de felgekleurde grote ogen.
Veel familieleden hebben prachtige kleuren.
Kleine mestvlieg
(Sphaeroceridae) Familie Sphaeroceridae.
Zoals de naam het al zegt, vind je hem bij mesthopen en uitwerpselen, maar
ook bij vochtige, rottende bladeren. Je
herkent hem aan de dikke dijen.
In februari 2009 zag ik er een aantal tussen
afgevallen bladeren. De dikke dijen zijn hier duidelijk te zien. Ze
bewegen zich met kleine sprongetjes.
Lonchoptera spec. Familie
Lonchopteridae.
Het slanke vliegje zie je vaak heel hard lopen.
Lansvliegen, Lonchaeidae
Niet op soort te determineren
Compact gebouwde kleine donkere vliegjes. Deze glansde prachtig.
Larven: Meestal houtmolm, onder barst van dode bomen. Maar sommige soorten
op ander plantaardig materiaal of zelfs aas.
Wenkvliegjes (Sepsidae)
Wenkvliegje (Sepsidae)
Ook de larven van dit vliegje ontwikkelen zich in uitwerpselen en mest.
Het kan ook in rottend materiaal zijn. Het is een mooi zwart
glanzend vliegje, dat
op een mier lijkt. Sepsis fulgens is hier de meest voorkomende soort. Je
ziet ze vaak met de vleugels rechtop. Op de vleugels zit een donker
vlekje.
Themira spec. Een groter soort. Op de
vleugels geen vlekje. Vanaf een foto niet verder te determineren.
Sepsis punctum. Ook groter. Opvallend rood.
Prachtvliegen
(Ulidiidae)
Seioptera
vibransFamiliePrachtvliegen
(Ulidiidae)
Een
donker glanzend vliegje met een opvallende vlek op de vleugels. Hij lijkt
op een wenkvliegje.
Net als bij het wenkvliegje kun je de larven in mest en rottend materiaal
vinden.
Lengte 5 - 6 mm.
Mei - september
Pallopteridae
Palloptera
umbellatarumFamiliePallopteridae
Een
kenmerk van de veel vliegjes uit deze familie is de zilverachtige grijze
of witte plek op het hoofd. Ook hebben veel soorten gevlekte vleugels. Ze
leven vaak op beschaduwde plekken.
Deze vlieg had de bij keuken opgezocht. En bleef even op het papiertje
zitten toen ik hem naar buiten bracht.
Lengte ongeveer 4 mm.
Europa
Foto 10-7-2010.
Sommige vliegen zie je in december nog vliegen als het niet te koud is. Vliegen
waar je in de zomer vaak niet naar kijkt, vind je nu bijzonder
Tephrochlamys rufiventris Familie
Heleomyzidae.
De larve vind je in afval, mesthopen.
Vandaar, dat je de vlieg ook veel bij boerderijen vindt. Er zijn een
enkele soorten van deze familie zelfs in de Poolgebieden te vinden. Deze
heb ik 25 december gefotografeerd. Ook dit vliegje moet dus goed tegen de
kou kunnen. Er zijn vliegen, die op Tephrochlamys rufiventris lijken. Maar
die vind je niet zo laat in het jaar.
Phaonia tuguriorum Familie Echte
Vliegen, huisvliegen (Muscidae) Dit is een grote familie. Ze lijken op
vleesvliegen. De meeste likken vloeistoffen op.
De larven leven van rottende materiaal, maar ook van aas.
Deze vlieg zie je van februari tot en met december. Geen koukleum dus. Hij
zat samen met een familielid Phaonia subventaop 22 december in het
zonnetje tegen de muur.
Phaonia subventa Familie Echte
Vliegen (Muscidae)
Over het oranje achterlijf loopt een zwarte streep. Je kunt hem vinden van maart totdat het gaat vriezen,
zoals dit vliegje (22 december)
Op een foto is de vlieg aan het bellen blazen. Dat zie je vaker. Waarom ze
het doen, is niet helemaal zeker. Het heeft hoogstwaarschijnlijk te maken
met het verteren van voedsel.
Nog een familielid van de
Echte
Vliegen, huisvliegen (Muscidae)
Eudasyphora
cyanella Familie
Hij glimt net als de Groene vleesvlieg. Als je de haren op de rug
bekijkt, zie je echter, dat er midden op het borststuk haren ontbreken.
Dat is een verschil met de Groene vleesvlieg .
Klik hier om meer vliegen van Echte
Vliegen, huisvliegen (Muscidae) op deze
site te zien. Subpagina Echte
Vliegen (Muscidae)
Sarcophagidae
Dambordvlieg (Sarcophaga)
Familie dambordvliegen, vleesvliegen, Sarcophagidae
Sarcophaga carnaria is de bekendste, maar er zijn
veel meer er op lijkende soorten.
Kenmerken: Lengtestrepen op de thorax, rode ogen en
natuurlijk de vlekken op het achterlijf, die op een dambord lijken. (niet
altijd even duidelijk)
De vliegen leven van nectar en stuifmeel.
De larven zijn parasieten. Verder zie je
verschillende beschrijvingen in boeken / sites. Daarin staan
voedselbronnen als aardwormen, insectenlarven, poppen maar ook dode
dieren.
Een grote en een veel kleinere
dambordvlieg. De kleine heeft ook gele voetjes. Hoe deze vlieg heet, weet
ik niet.
Een jong dambordvliegje. De vleugels
moeten nog worden opgepompt, maar dat kan nog wel even duren. (volgens
Joke van Erkelens soms twee uur) Intussen loopt hij al rond. Op de kop zie
je een soort bijltje. Daarmee werkt hij zich uit het ei. Daarna verdwijnt
het.
Metopia spec. Familie
Metopia is een onderfamilie van de familie Sarcophagidae.
Er zijn weer verschillende soorten.
Het is een klein beweeglijk vliegje. In de zon
lijkt zijn gezicht wel een lichtje. Dat hebben alle familieleden. De
onderste foto is vaag. Maar geeft wel goed weer hoe je hem ziet.
Bloemvliegen. (Anthomyiidae) Vliegjes van 4 tot 12 mm. Een van de kenmerken
is, dat op de vleugels de ader M1 recht is en de anaalader lang.
Bloemvliegen. (Anthomyiidae)
Griekse: anthos = bloem en myia = vlieg
Er
zijn heel veel soorten in de tuin.
Kenmerken: Kleine slanke vliegen. Van geel tot zwart.
Ze zijn meestal vanaf een foto niet verder te determineren. Als je denkt:
"Toch wel knap, dat hij ze herkend heeft." Helaas. Dat heeft
Joke van Erkelens voor me gedaan. Op haar site vind je meer informatie.
Als je meer wilt weten klik dan hier.
De larven zijn planteneters of ze leven van
organisch afval. Sommige zijn mineerders.
Ik wil iedereen bedanken, die me bij waarneming.nl heeft geholpen met het
determineren. Met name Joke van Erkelens, Robert Heemskerk, Mark van Veen, Gerard Pennards
en Han Endt. Wat betreft sluipvliegen heb ik veel hulp bij diptera
gehad van Theo Zeegers.
Een boek wat ik vaak gebruik is:
De Europese families van muggen en vliegen (Diptera)
door Pjotr Oosterbroek, Herman de Jong en Liekele Sijstermans. Een een
determineertabel voor de Europese Dipterafamilies. Geen foto's, maar wel veel
tekeningen ter verduidelijking.
Omdat de pagina over vliegen veel te
groot dreigde te worden heb ik subpagina's gemaakt van vliegenfamilies, waar ik
veel foto's van heb of waar ik dit jaar nog veel over wil toevoegen.