Vliesvleugeligen (Hymenoptera). De insecten, die tot die orde
behoren zijn de bijen, hommels, mieren, wespen en zaagwespen.
Vliesvleugelen
(Hymenoptera) worden verdeeld in verschillende subordes. Namelijk suborde
Symphyta. Deze groep heeft geen taille. (bladwespen) en suborde
Apocrita. Apocrita kun je weer in twee groepen verdelen. Namelijk:
Parasitica en Aculeta.
Parasitica: Sluipwespen of parasitaire hymenoptera. De vrouwtjes hebben een
ovipositor (legboor), waarmee ze de eitjes in of bij larven leggen. Die larven
worden uiteindelijk gedood door de wespenlarven. Er zijn verschillende
families.
De grootste groep zijn de gewone sluipwespen (Ichmonidae). Andere groepen zijn:
Schildwespen (Braconidae), bronswespen (Chalcidoidea), Hongerwespen (Gasteruptiidae),
Galwespen ( Cynipoidea) leggen de eieren meestal in plantenweefsel, waar de gallen
ontstaan.
Aculeata: Bij deze groep is de legbuis veranderd in een angel, waarmee
een prooi verdoofd kan worden of die gebruikt wordt om zich te verdedigen
(bijen). Ook in deze groep zijn er wespen met parasitaire larven. Spinnendoders lijken wel op sluipwespen, maar hebben een angel waarmee ze hun
gastheer verdoven. Ook Goudwespen (Chrysididae) hebben een angel.
Voor de families, waarvan ik veel soorten heb, heb ik een subpagina gemaakt. Ik heb
van elke familie een voorbeeld op deze pagina geplaatst met daaronder een link
naar de subpagina over deze familie.
Rozenbladwesp (Arge pagana)
Familie Kortsprietbladwespen
(Argidae)
Bladwespen of zaagwespen. (Symphyta)
De taille van de bladwesp is afwezig. Ze maken geen
nest. De larven van een bladwesp lijken op een rups. (bastaardrups)
Ichneumon bucculentus Familie Gewone
sluipwespen (Ichneumonidae)
Deze wesp hoort bij de Sluipwespen of parasitaire hymenoptera. Vrouwtjes
hebben een legboor. Larven zijn parasitair. Gewone sluipwespen (Ichneumonidae)
zijn de grootste groep.
Grote aardhommel (Bombus terrestris)
Geslacht hommels (Bombus)
Hommels (Bombus): Grote behaarde bijen van het geslacht Bombus. Ze leven in kolonies.
Alleen de
koningin overwintert en begint het volgende jaar aan een nieuwe kolonie. Het
nest is soms ondergronds, maar kan ook tussen graspollen gebouwd worden.
Dit vak houd ik open voor toekomstige subpagina's.
Sociale Wespen Familie Plooivleugelwespen(Vespidae) Onderfamilie Papierwespen of Vespinae.
De kolonies bestaan één jaar. Elk jaar wordt de kolonie in het voorjaar door
een koningin gesticht. De nesten zijn van papier. Het papier wordt door de
wespen van hout gemaakt. Het hout wordt tot papier pulp gekauwd. De werksters verschijnen het eerst. Dit kunnen er in
een jaar wel enkele duizenden zijn. Op het eind van de zomer verschijnen de
mannetjes en nieuwe koninginnen. Alleen de bevruchte koninginnen
overwinteren. Plooivleugelwespen hebben hun naam gekregen, omdat ze
hun vleugels in de lengte opvouwen. De
ogen zijn niervormig.
Gewone wesp(Vespa
vulgaris) Familie Plooivleugelwespen
(Vespidae)
Foto
3-4-2010. Dit is een koningin. De antennes van de mannetjes hebben 13 segmenten. De scapus(schacht) is het eerste segment. De
werksters hebben er 12. Zoals je ziet is de koningin forser.
Ze worden ook wel limonade wespen genoemd,
omdat ze in de nazomer en herfst heel hinderlijk kunnen zijn. Vooral als je limonade
drinkt. Ze lijken heel veel op de iets grotere Duitse wesp (Vespula germanica).
We worden meestal door deze twee soorten gestoken.
Lengte koningin: 16 tot 19 mm, lengte werksters 11 -
14 mm, lengte mannetjes 13 - 17 mm.
Het nest worden onder de grond gebouwd in oude dierennesten, maar ook in
holle bomen en spouwmuren. In 2008 hadden we een nest tussen het dak en
plafond van de bijkeuken gehad. We konden er niet bij. Tot de herfst hadden
we er geen last van. Pas toen het koud werd, zag je ze ook in de bijkeuken.
Daar liepen ze wat suf rond. Het jaar daarna waren ze verdwenen. We hoefden
dus geen bestrijdingsdienst te bellen.
Inheems in Europa, Azië, Japan en Noord-Amerika.
Ingevoerd in Australië en Nieuw-Zeeland.
Drie foto's van de werkster van de gewone wesp,
30-10-2010
Muurwespen (Ancistrocerus) Familie Plooivleugelwespen
(Vespidae)
Muurwesp spec. (Ancistrocerus
spec.) onderfamilie muurwespen (Ancistrocerus) Familie Plooivleugelwespen
(Vespidae)
Kenmerken Zwart met gele strepen. Een smal
uiteinde. Bij de mannetjes zijn de laatste segmenten van de antennes
gebogen. (als een haak)
Verder zijn het op elkaar lijkende soorten. Ancistrocerus parietum,
Ancistrocerus gazella, Ancistrocerus quadratus, Ancistrocerus
nigricornis, Ancistrocerus oviventris
De nesten kun je vinden in gaten in het hout. Bijvoorbeeld een kevergangen,
boorgaten. In de cellen van het nest worden rupsjes als voedsel voor de
larven achtergelaten. Net als bij metselbijtjes wordt de cel afgesloten.
Vroeger werden ze daarom leemwesp genoemd.
Foto's 18-4-2010
Solitaire wespen.
Spinnendoders, Pompilidae
Spinnendoders, Pompilidae
Welke
het is, weet ik niet. Spinnendoders zijn slanke wespen met lange poten.
Meestal zijn ze zwart met een rode of witte tekening op het voorste deel van
het achterlijf. Een verschil met andere wespen is, dat het eerste segment
van de thorax (pronotum) geheel doorloopt tot de tegulae
(aanhechtingsschubben van de vleugels).
Ze zijn solitair en jagen op spinnen. De spin wordt met een giftige angel
verlamd en daarna naar een nest gesleept. Of naar een plek, waar een nest
gemaakt wordt. In het achterlijf wordt een ei gelegd.
In Belgie en Nederland zijn ongeveer 70 soorten.
Er zijn vier onderfamilies. Ceropalinae, Pepsinae, Ctenocerinae, Pompilinae
Ze kunnen ook mensen steken.
Foto 11-8-2010. Misschien Caliadurgus fasciatellus of Priocnemis
(Pompilidae) vrouw. ?????????
Urntjesspinnendoder, Glasvleugelspinnedoder, Metselspinnerdoder, (Auplopus carbonarius)
Familie spinnendoders (Pompilidae)
Deze spinnendoder is helemaal zwart. Het mannetje heeft witte vlekken op
het gezicht. De voorkant van het achterlijf is versmald.
Dit is een in Nederland algemene spinnendoder. Het vrouwtje op deze foto
sleept de spin met zich mee. Ze heeft depoten van de spin geamputeerd. Dat
gebeurt vaak bij deze spinnendoders. De nesten worden niet uitgegraven. Meestal vind je ze in spleten in
muren of bomen.
Lengte 7-10 mm
Mei-augustus.
Foto 13-9-2010
Goudwespachtigen (Chrysididae)
Goudwesp Familie goudwespachtigen (Chrysididae) Hoogstwaarschijnlijk Gewone Goudwesp (Chrysis ignita)
Van de Chrysis ignita onderscheidt men een aantal ondersoorten. Afhankelijk
van grootte en gastheer.
Goudwespen hebben een prachtige metallic kleur. In Nederland, België zijn
ongeveer 60 soorten. Determineren is vaak niet zo makkelijk. Ze dragen
een angel, maar deze is bij de meeste soorten niet giftig.
Ze hebben een hard pantser. Dat hebben ze soms
nodig. Goudwespen leggen namelijk hun eitjes in nesten van andere wespen,
bijen. Het zijn dus koekoekwespen. Als ze betrapt worden is een hard pantser
natuurlijk wel handig. De larven van de goudwesp eten de larven van de
gastheer op.
Ze zijn variabel wat betreft hun grootte. Van 4 tot 10 mm.
Vrouwtjes
knagen met hun grote kaken nestholten in vermolmd hout en die bevoorraden ze
vooral met zweefvliegen (Syrphidae). Het is een solitaire wesp maar ze
hebben soms een gemeenschappelijke ingang. In onze tuin zitten ze bij
de stam van een dode appelboom.
Hij lijkt op de Ectemnius cephalotes.
Ectemnius familieleden graven dus niet in het zand.
Lengte 14 mm.
Juni - oktober.
Gedetermineerd door Toshko: A male of Ectemnius
cavifrons (Thomson). The shape of lower surface of first flagellar segment,
coloration of clypeal hairs and shape of inner mandibular edge and fore and
mid tarsal segments are diagnostic features for this species.
Bedankt Toshko. Andere kenners denken echter, dat de details
niet goed genoeg te zien zijn.
Foto's 24-5-2008 Een stelletje een paar jaar later.
3-7-2011
Ivo Raemakers: Ik kan het aantal cubitaalcellen
niet zien, maar gezien de habitus en dan met name het niet gesteelde
achterlijf, de verdikte dijen en de structuur van het propodeum zou ik
hier een Crossocerus van maken. De soort moet dan ergens in de hoek van C.
nigritus gezocht worden. Bedankt Ivo.
Dit is een groep zwarte graafwespen.
Kenmerken: Het eerste
segment van het achterlijf is steelvormig. De achterlijf segmenten 2-5
hebben een gele band. Bij segment 4 is de gele band onderbroken.
Vliegen van de familie huisvliegen dienen vaak als
prooi.
Het nest is onder de grond.
Een zwarte wesp. De oranje vlek op de
achterschenen is opvallend. Verder zijn de poten licht geel met zwart. Het
mannetje heeft vreemde antennes. Nog net te zien op de foto.
Lengte mannetje 4,5 - 6,5 mm. Vrouwtje: 6 - 7,5 mm.
Nesten in stengels, vermolmd hout. Als prooi hebben ze muggen, stofluizen.
Europa, Azië (tot in Japan) en Noord-Amerika.
Vliegtijd: April - september
Een geheel zwarte, slanke wesp.
Net als de spinnendoder vangt de pottenbakkerswesp spinnen (kleine), die
gebruikt worden als voedsel voor de larven. Ze sluiten hun nestholen in
plantenstengels, gaten in hout enz. af met wat klei. Dat verklaart hun naam.
Lengte 8 - 15 mm. Het mannetje is veel kleiner dan het vrouwtje.
Mei - september.
Als ik aan bijen denk, denk ik altijd aan de sociale bijen bij de
imker. Er zijn echter ook veel solitaire soorten. Ze eten wel allemaal
(ook de larven) nectar en stuifmeel. Hommels behoren ook tot de bijen.
Een uitgebreide beschrijving vind je hier: Nederlandse
bijen en hun relaties.
Sociale bijen
Gewone honingbij (Apis mellifica)
Dit is een sociale bij, die oorspronkelijk uit
Zuid-Azië komt. Hij komt nu in Europa zowel in het wild voor als in
bijenkorven.
De koningin verlaat haar nest voor de paringsvlucht. De mannetjes zie je
vooral 's zomers. Verder heb je natuurlijk de werksters.
De honingbij is goed te herkennen aan de
langgerekte radiaalcel (vleugelcel).
De
achterpoten, met de stuifmeelkorfjes zijn hier goed te zien. Hier wordt
het stuifmeel bewaard.
Solitaire bijen
Behangersbijen (Megachilinae)
Behangersbij spec. (Megachile spec.) Familie behangersbijen (Megachilinae)
Het is een solitaire bij. Ze zijn vaak moeilijk
vanaf een foto tot op de soort te determineren.
De wanden van de gang van hun nest worden
"behangen" door stukjes blad. In die gang leggen ze een ei maar er
komt ook stuifmeel en nectar in. Deze kokertjes zijn in de grond te vinden,
maar ook erboven. Bijvoorbeeld in holle stengels. De stukjes blad worden
afgebeten.
Op de foto kun je de haren op de buik zien.
(buikschuier) Daartussen komt het stuifmeel, dat ze vervoeren.
Mei - augustus.
Kustbehangersbij (Megachile maritima) Familie behangersbijen (Megachilinae)
Een bij, die je bijna alleen langs de kust
vindt.
Ze nestelen in holtes in de
grond ondersten, wortels.
Lengte 13 - 15 mm.
Mei - September.
Foto 10-7-2011
Grote bladsnijder (Megachile willughbiella)Familie behangersbijen (Megachilinae)
Kenmerken
De kop en het borststuk hebben geelbruine haren. Witte haren aan de rand van
de segmenten van het achterlijf. De mannetjes hebben verbrede voortarsen,
die op bokshandschoentjes lijken. Het vrouwtje heeft een buikschuier, die
van voren vosrood is en van achteren zwart.
Ze nestelen in vermolmd hout, waar ze een gang in
maken, maar ook in grote (6-9 mm) holle rietstengels of in de grond.
De gang wordt bekleed met met ronde / ovale stukjes uit bladeren.
Lengte 12-16 mm.
Juni - september
Foto 4-6-2011
Rosse metselbij (Osmia rufa)Geslacht
Metselbijen (Osima) Familie behangersbijen (Megachilinae)
Kenmerken
Het vrouwtje heeft een zwarte kop met 2 afgestompte hoorns. Het lichaam
heeft roodbruine haren. Een zwarte achterlijfspunt. Buikschuier
is oranjegeel.
De mannetjes hebben een lichtgele gezichtsbeharing.
Ze nestelen in holtes in dood hout. Je kunt
nestkastjes ook kopen of maken. Bijvoorbeeld met holle bamboestengels (0,5 -
0,8 cm)
Broedcellen worden afgesloten door leemwandjes. In de cel komt behalve een
ei ook stuifmeel en honing als voeding.
Lengte vrouwtje 10-12 mm, mannetje 9 - 10 mm.
Maart-juni.
Op deze foto's kun je de zwarte achterlijfspunt beter zien. (Bloem: Witte
sterhyacint (Scilla mischtschenkoana)
Groefbijen (Halicidae)
Gewone Geurgroefbij (Lasioglossum calceatum) of Berijpte
Geurgroefbij (Lasioglossum albipes) Familie groefbijen (Halicidae) mannetje
Deze twee soorten lijken erg op elkaar. Het
gezicht is langwerpig.
Groefbij, omdat de vrouwtjes een smalle, onbehaarde lengtegroef op
het laatste achterlijfsegment hebben. Geurgroefbij, omdat de
vrouwtjes een zoete geur verspreiden.
Het is een sociale bij. Het vrouwtje overwintert
en maakt in het voorjaar een nest in de grond. Eerst verschijnen de
werksters en daarna mannetjes en vrouwtjes.
Berijpte
GeurgroefbijLengte vrouwtjes 8 - 9 mm, lengte mannetjes 8 - 10 mm.
Gewone Geurgroefbij Lengte vrouwtjes 8 - 9 mm, lengte mannetjes 8 - 10 mm.
April - oktober.
Zandbijen (Andrenidae)
Zandbij spec. (Andrena spec.) Familie zandbijen
(Andrenidae)
Solitair. Helaas niet verder te determineren.
Sommige maken nesten verticaal in de grond, andere
horizontaal. Verder zijn er verschillen in grootte en vliegtijd tussen de soorten.
Er zijn wel 72 soorten in Nederland.
Vosje (Andrena fulva) Familie zandbijen (Andrenidae) vrouwtje
Hij lijkt wel wat op een hommel met zijn lange
vosrode haren. De poten zijn zwart.
Je vindt hem (ook in onze tuin) vaak op aalbessen, kruisbessen en andere
ribes soorten.
Solitair. De vrouwtjes maken het nest in zanderige grond. Soms ook in de
tuin. Het zijn dan kleine zandhoopjes met een gaatje. Ze doen dat vaak wel
bij elkaar in de buurt.
Lengte vrouwtje 12-14 mm, lengte mannetje 9 - 11
mm.
Vliegtijd: Maart - mei.
Roodgatje (Andrena haemorrhoa)
Solitair. Je ziet ze ook in kleine groepen.
Het borststuk is roodbruin. Het lichaam is vrij kaal. Zoals je op deze
foto's kunt zien, zijn het mannetje en vrouwtje nogal verschillend. Het
mannetje is kleiner en de beharing is lichter.
Lengte 9 - 10 mm.
April - juni
Grijze rimpelrug (Andrena tibialis) Familie zandbijen
(Andrenidae) vrouwtje Foto 17-4-2010
Ik had hem eerst staan als Meidoornzandbij (Andrena carantonica) Maar
kreeg van Ivo Raemakers het volgende commentaar: Vanwege geheel oranje
scopa geen A. carantonica.
Vanwege licht behaard gezicht geen A. nigroaenea.
Blijft over A. tibialis. Bedankt Ivo.
Het aantal in Nederland schijnt afgenomen te zijn. Op de rode lijst staat
hij vermeld als kwetsbaar.
Lengte 8, 9 mm.
Vliegtijd: maart - juni
Witkopdwergzandbij (Andrena
subopaca) Familie zandbijen (Andrenidae) Foto
4-6-2010
Niet helemaal zeker. Het is in Nederland de
algemeenste uit de dwergzandbijen (Andrena minutula) groep. Dit zijn kleine zwarte
bijtjes, die moeilijk uit elkaar te houden zijn. Andere soorten, die bij
deze groep horen zijn Andrena minutula, Andrena minutuloides, Andrena
saunders ella, Andrena falsifica en Andrena viridescens.
Op deze foto's zit hij op Look-zonder-look (Alliaria petiolata of Alliaria
officinalis) Op de bovenste foto samen met een kevertje (Byturus)
Dun behaard. Zowel op de kop, borststuk als het lijf zitten witte
haartjes. De punt van het achterlijf is bruin. Dat is moeilijk te zien.
(op de onderste foto)
Lengte 5 - 7 mm.
Vliegtijd: maart - augustus
Wespbijen, koekoeksbijen (Nomadinae)
Wespbij, koekoeksbij (Nomada spec.) Familie Nomadinae
Een parasitaire bij. In Nederland zijn er wel 43
soorten. Vanaf deze foto is hij niet verder te determineren. Zoals je ziet
lijkt hij heel erg op een wesp.
Net als de koekoek leggen deze bijen hun eitjes in
het nest van andere bijen. Dit zijn vaak zandbijen. De larve doodt de
andere larve.
Net als de andere bijen eet de wespbij nectar en stuifmeel. Maar hij hoeft
het niet te vervoeren, omdat hij geen nest heeft.
Roodzwarte dubbeltand (Nomada
fabriciana)
Familie Nomadinae
Maart - augustus. 7 - 10 mm.
Foto 14-6-2011
Smalbandwespbij (Nomada
goodeniana) Familie Nomadinae
Maart - juni. 10 - 14 mm.
Foto 16-5-2010
Gewone dubbeltand (Nomada
ruficornis) Familie Nomadinae
Maart - juli. 8 - 11 mm.
Foto 17-4-2011
Geeltipje ( Nomada sheppardana) Familie Nomadinae April - augustus. 4 - 7 mm.
Foto 14-5-2010.
Bloedbijen (Halictidae)
Bloedbijen
Familie Halictidae
Net als Nomada's zijn bloedbijen parasitaire bijen. (De meeste op
groefbijen) Veel soorten zijn ook weer heel moeilijk vanaf een foto te
determineren. Meestal zijn ze zwart met een voor een deel rode abdomen
(achterlijf). In
Nederland zijn er 20 soorten. Ze hoeven geen stuifmeel te vervoeren.
Vooral in de zanderige gebieden zijn ze algemeen. (de duinen) Meer
informatie: www.wildebijen.nl/bloedbijen.
Dikkopbloedbij (Sphecodes monilicornis)
Familie Halictidae
Deze bloedbij is goed te herkennen doordat de kop
achter de ogen breed is, zoals op deze foto is te zien. (een dikke kop dus)
De eerste drie rugsegmenten zijn bij het vrouwtje rood. Bij het vierde
segment is de zijkant rood.
Ze hebben groefbijen als gastheer.
Lengte 7 - 10 mm.
Maart - oktober.
Je ziet ze vooral in een zanderige, droge omgeving.
Foto vrouwtje
dikkopbloedbij 4-7-2011
Ik wil iedereen bedanken, die me bij waarneming.nl en forum.hymis.de
heeft geholpen met het
determineren.
Een overzicht van de verschillende families.
Zoekkaartwildebijen.nl/
Deze zoekkaart wilde bijen en bijenkalender van Arie Koster geeft een overzicht
van wilde bijen. www.bwars.com/Gallery Hier is veel informatie over bijen en wespen te
vinden.