Familie Sluipvliegen (Tachinidae)
Er zijn soorten van 2 cm, maar ook van 2 mm. De kleuren zijn heel
verschillend. De meeste sluipvliegen hebben veel borstels. Er zijn echter
ook gladde soorten. informatie: http://en.wikipedia.org/wiki/Tachinidae
De larven leven van andere insecten. Bij veel soorten zoeken
de larven de insecten, insectenlarven op.
Deze vlieg was die dag heel opvallend tussen de
zweefvliegen. Hij ziet er met die borstels inderdaad woest uit.
Hij is heel goed te herkennen door de rode achterkant met de zwarte streep
in het midden.
De larve van de woeste sluipvlieg leeft van rupsen van vlinders. De eitjes
worden op de bladeren gelegd. De larven dringen een passerende rups binnen
en eten hem van binnenuit op. Na ongeveer twee weken is hij veranderd in
een vlieg.
Larven van andere sluipvliegen doen dit bij larven van andere insecten.
Lengte: 9 - 16 mm
Tachina magnicornis: De zwarte band is breder en wordt op het eind nog
breder. (niet altijd)
Ernestia rudis Familie: Sluipvliegen (Tachinidae)
Een ander familielid van de sluipvliegen. Een forse
donkere sluipvlieg.
De andere sluipvliegen staan op alfabetische volgorde.
Bessa selecta Familie sluipvliegen (Tachinidae).
Verder kon ik nog niet veel over dit sluipvliegje vinden, dat ik in oktober
2009 gefotografeerd heb.
Ongeveer 5, 6 mm.
Jaakko, Chris en Theo bedankt voor het
determineren.
Commentaar Jaakko: Just a combination of features:
sharp kink in the m-vein, white hairs behind the head, low "short-legged"
sitting position and small size.
Foto mei 2009.
Het is een vrij grote vlieg. Iets groter dan een bromvlieg.
Op internet staan onderzoeken beschreven. Daarin wordt gekeken hoe deze
vlieg gebruikt kan worden voor het bestrijden van de plakker
(Lymantria dispar) een dag actieve nachtvlinder. Deze vlinder is een plaag
in Noord-Amerika.
Dit is het rupsje van een plakker (Lymantria dispar). Die liep over
dezelfde bessenstruik.
Een opvallende vlieg met een lichtbruine rug en prachtige ogen. Geen forse
antennes.
Ik las, dat de larf parasiet is van de larven van de meikever. Die heb ik
echter nooit in de tuin gezien. Wel het familielid het rozenkevertje. Maar
ik weet niet hoe het met die larven zit.
Kenmerken: Grote oranje vlekken op de zijkanten van de buik
De larven zijn parasieten van rupsen van de mot Orthopygia glaucinalis (Lepidoptera,
Pyralidae) en waarschijnlijk ook van de mot Europese maïsboorder (Ostrinia
nubilalis)
Het vrouwtje legt haar eitjes in schildwantsen. Zij parasiteert vooral op
de boswants, roodpootschildwants (Pentatoma rufipes) en de groene
stinkwants (Palomena prasina)
Dit
is een vrouwtje. Het mannetje heeft mooi getekende vleugels.
De vlieg lijkt op een zweefvlieg. Hij mist de
borstels van veel andere sluipvliegen,
Lengte: 12 - 15 mm.
Noord- en Zuid Europa.
April - september. Twee generaties
Dit sluipvliegje was veel kleiner. (8 mm) Ik dacht, dat het een ander soort
was.
Deze soort verschilt echter nogal in grootte. Van 4 tot 12 mm. Het hangt af
van de gezondheid van zijn gastheer.
Als host hebben ze de larven van uilen (Noctuidae)
Volgens Theo Zeegers zijn ze in Nederland niet zo algemeen. Meestal worden
ze in het duingebied gezien.
April - oktober (De meeste in mei - juni)
Foto 6-5-2010
Siphona spec.Familie sluipvliegen (Tachinidae).
Spec. omdat ik niet precies weet wel soort. Dat is aan een foto niet te
zien.
Je kunt de Siphona herkennen aan de lange snuit. Als je goed kijkt, kun je
dat op de foto zien.
Een klein sluipvliegje van ongeveer 5 mm.
Sluipvlieg spec.
Familie sluipvliegen (Tachinidae)
Soms lukt het niet om een vlieg vanaf een foto te
determineren.
Dit vliegje heeft helaas geen naam gekregen.
Ik wil iedereen bedanken, die me bij waarneming.nl heeft geholpen met het
determineren. Wat betreft sluipvliegen heb ik veel hulp bij diptera
gehad van Theo Zeegers en Chris Raper.